Openbaar vervoer & autisme

Vertragingen, storingen, uitval, aangepast dienstregelingen… Voor de gemiddelde Nederlander is het reizen met het openbaar vervoer soms al frustrerend genoeg. Voor kinderen en volwassenen met autisme, PDD-NOS of asperger is dit probleem nog vele malen groter. Autisme is een onzichtbare beperking, maar heeft veel invloed op het dagelijks functioneren. Het reizen met bijvoorbeeld; het openbaar vervoer is voor iemand met autisme nog niet zo vanzelfsprekend als wij denken.

Volgens het boekje

Het plannen van een reis en het kopen van een ticket brengt in het algemeen nog niet zoveel problemen met zich mee. Als alles volgens planning en het boekje verloopt, is er niets aan de hand. Maar dan…

In het geval van een storing of vertraging kan er bij iemand met autisme volledige paniek uitbreken. Planning valt in duigen, structuur valt weg en er is sprake van onduidelijkheid. Het zoeken naar een alternatief (improviseren) en/of vragen om hulp is dan veelal moeilijker geworden, omdat men overprikkeld is geraakt.

Prikkelingen

De drukte in het openbaar vervoer zorgt voor overmatige prikkelingen, waardoor de reis voor iemand met autisme intensiever wordt beleefd. Uitbundig lachende en (hard) pratende en/of telefonerende mensen zorgen vaak al voor voldoende irritatie bij de gemiddelde reiziger, maar de zintuigen van iemand met autisme raken eens te meer overprikkeld. En iemand aanspreken op zijn/haar (recalcitrante) gedrag of zo maar in gesprek gaan met een wildvreemde is dikwijls ook niet gemakkelijk. Het kan voor iemand met autisme een groot struikelblok zijn om te reizen met het openbaar vervoer. Tegenwoordig zijn er wel de zogeheten “stiltecoupés”, maar ook deze worden steeds voller en drukker.

lijn groen oudersenzo
Autisme en openbaar vervoer

Stressvol

Kinderen met autisme reizen veelal onder begeleiding van een ouder en/of verzorger, maar voor vele kinderen is de drukte in het openbaar vervoer onoverzichtelijk, uitputtend en stressvol. Tevens zijn kinderen met autisme over het algemeen gevoelig voor aanrakingen op de huid, waardoor het staan in bus, trein, tram of metro – waarbij je in aanraking komt met vreemde passanten en medereizigers – reden kan zijn voor paniek. Indien de situatie het toelaat, is het raadzaam om het kind tijdens zo’n reis te laten zitten. Het liefst bij het raam zodat hij/zij zich kan focussen. In een bus, tram of metro zou je bijv. voorin bij de chauffeur kunnen plaatsnemen en als ouder/verzorger/begeleider ga je naast het kind zitten, zodat het zich “veilig” voelt tegen alle drukte (prikkels) om hem/haar heen.

Oftewel, het is dan niet zo vreemd dat mensen en kinderen met autisme het gebruik van het openbaar vervoer zoveel mogelijk uit de weg gaan. Per slot van rekening wil je wel ontspannen en relaxed op je eindbestemming aankomen. Het alternatief kan zijn: reizen onder begeleiding (buddy), auto of taxi.

liefs Marion

Meer informatie

Autisme & moeders. Hoe voorkom je een burn-out?
PDD NOS, wat zijn de kenmerken?
Wanneer is er sprake van autisme?
Auti-pesten: Autisme en pesten, hoe ga je hiermee om?

Bronvermelding

Stockfoto: 123rf.com

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.