Vruchtwaterpunctie (Amniocentese)

Vruchtwaterpunctie (Amniocentese)Een vruchtwaterpunctie of Amniocentese is een prenataal onderzoek waarbij een beetje vruchtwater van een zwangere vrouw wordt afgenomen voor onderzoek. De cellen van de foetus, die zich in het vruchtwater bevinden, worden opgekweekt waarna het chromosomenpatroon in gespecialiseerde laboratoria kan worden onderzocht. Chromosomale afwijkingen, zoals het Syndroom van Down, kunnen hiermee worden aangetoond.

Downsyndroom – Wat is het en hoe ontstaat het?
 

Hoe gaat een vruchtwaterpunctie

Tijdens de vruchtwaterpunctie lig je op je rug op een tafel. Je buik wordt ontsmet met een desinfectiemiddel (Jodium of als je allergisch bent met een ander middel). Wanneer het (echo)beeld van je kindje op het beeldscherm te zien is, prikt de arts (gynaecoloog) met een holle naald in je onderbuik, tot de naald de vruchtzak heeft bereikt. De arts zuigt vervolgens wat vruchtwater op (meestal zo’n vijftien tot twintig milliliter, dit is 10 tot 15% van de totale hoeveelheid vruchtwater). Voor het opzuigen van het vruchtwater heeft de arts zo’n twintig tot dertig seconden nodig.
De totale behandeling duurt niet lang, meestal slechts zo’n één of twee minuten.

tip
Gynaecoloog – Wat doet hij?

Doet het pijn?

Veel vrouwen omschrijven het gevoel als ‘buikpijn of menstruatiepijn’ als de naald de buik ingaat en een vreemd trekkend gevoel als het vruchtwater wordt opgezogen.
De behandeling is niet altijd volledig pijnloos, maar de meeste vrouwen vinden het uiteindelijk toch meevallen. Het onderzoek kan worden gedaan onder lokale verdoving, vraag hier eventueel naar bij je arts. Er zijn ook vrouwen die zich na het onderzoek beroerd voelen. Het is daarom aan te raden niet alleen naar het onderzoek te gaan.

Wie komt er voor in aanmerking?

Een amniocentese wordt aangeraden wanneer je 36 jaar of ouder bent, je een verhoogd AFG-gehalte had, de uitslag van je onderzoek op het downsyndroom afwijkend was of je een verhoogde kans hebt op een kind met een erfelijke afwijking. Soms wordt deze behandeling ook toegepast wanneer je teveel vruchtwater hebt.
Een vruchtwaterpunctie kan rond 16 weken zwangerschap uitgevoerd worden.

Wat kan het onderzoek uitwijzen?

Het uiteindelijke resultaat van het onderzoek geeft betrouwbare informatie over de dragers van het erfelijk materiaal (de chromosomen). Hiermee kan worden nagegaan of er sprake is van bepaalde erfelijke aandoeningen maar ook bijvoorbeeld een open ruggetje of open hoofdje kan met dit onderzoek worden aangetoond. In Nederland wordt bij ongeveer 5% van de vruchtwateronderzoeken, een aandoening gevonden.

Uitslag

De cellen worden op kweek gezet en dat heeft even tijd nodig. Het opkweken van de cellen is noodzakelijk om de cellen zich te laten vermeerderen. De kweekperiode die nodig is, wisselt per persoon. Meestal is na een periode van ongeveer twee tot drie weken de uitslag bekend.

Vergoeding

Je zorgverzekeraar vergoedt het onderzoek volgens de polisvoorwaarden.

Complicaties

De complicaties die kunnen optreden tijdens een vruchtwaterpunctie zijn: verlies van bloed of vruchtwater, infectie, weeënactiviteit en zelfs een miskraam. De kans op een miskraam is ongeveer 0,3%.
Bron: www.wikipedia.org
Op de website www.babyinfo.nl wordt gesproken over een risico van 0,5% (1 op 200).

Voor- en nadelen vruchtwateronderzoek

De vruchtwaterpunctie is iets betrouwbaarder dan de vlokkentest en de kans op een miskraam is ook iets kleiner. Een nadeel is echter dat het onderzoek pas laat in de zwangerschap kan worden uitgevoerd (na 16 weken). De uitslag laat ook iets langer op zich wachten als bij de vlokkentest. Wanneer na een vruchtwaterpunctie wordt besloten – op basis van de uitslag – de zwangerschap te beëindigen kan dit – zo ver in de zwangerschap – alleen nog maar door het opwekken van de bevalling.
Aangezien een vlokkentest eerder in de zwangerschap kan worden uitgevoerd kan bij een ongunstige uitslag de zwangerschap vaak worden afgebroken via een vacuüm-curettage. Dit is een ingreep waarbij de baarmoeder met een dun slangetje wordt leeggezogen. Natuurlijk zijn beide vormen van verlies een emotionele gebeurtenis.

Resusnegatieve bloedgroep en anti-D

Als je een resusnegatieve bloedgroep hebt, krijg je na de vruchtwaterpunctie een injectie met anti-D. Dit gebeurt om te voorkomen dat er afweerstoffen ontstaan tegen de bloedcellen van de baby. Als zeker is dat de vader van de baby ook resusnegatief is, kun je overwegen om af te zien van de anti-D.

Meer informatie

Downsyndroom – Wat is het en hoe ontstaat het?
Zwangerschapskwaaltjes – Hoe houd je ze beperkt?
Zwangerschapsspiekbrief – Wanneer regel je wat?
Mooi en gezond zwanger – Zorg goed voor jezelf!
Gynaecoloog – Wat doet hij?

Bronvermelding

Tekst: Marion Middendorp
Stockfoto: 123rf.com

Kijk ook naar...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *